Archief

Archive for juni, 2011

Elian maakt muziek

juni 30, 2011 9 reacties

Elian is gek op muziek maken. Hij zet regelmatig de piano aan en gaat ‘spelen’. Ook de oude gitaar die in de woonkamer staat wordt veel gebruikt. Hij zingt ook graag en het liefst heel hard. Ik heb begrepen dat hij dat van mij heeft, ik weet in ieder geval dat ik mijn oudste zus tot waanzin kon drijven met mijn gezang 😉 Elians favoriete liedje is een liedje wat hij een maand geleden op de Kindergarten heeft geleerd:  ‘Ein Lied geht auf die Reise’. Hij zingt het echt de hele dag.

Maar de laatste tijd maakt hij er echt iets bijzonders van: hij gaat zingen en zichzelf daarbij begeleiden. Het begon dat hij op de gitaar ging spelen, erbij ging zingen en op een bakje sloeg als drumstel (waar Chinese eetstokjes en onze mega collectie Tupperware al niet goed voor is!) Maar tot onze grote verrassing bouwde hij het nog verder uit met een groot ‘drumstel’ met allerlei onderdelen om op te kunnen drummen bij zijn zingen…echt geweldig! Geniet mee van ons heerlijke kereltje in deze drie filmpjes (even op de link klikken, die brengt je naar YouTube…filmpjes embedden is helaas niet mogelijk!)

http://www.youtube.com/watch?v=GFKNdhiCu-U

http://www.youtube.com/watch?v=Dt4Wg9UVXKE

http://www.youtube.com/watch?v=HUSitC60058

 

Categorieën:Elian

Een lang weekend met Karen

juni 24, 2011 1 reactie

Zoals gezegd lopen we nog wat achter met jullie ‘bij te praten’ over wat we de laatste weken allemaal gedaan hebben, dus we hopen dat de komende dagen goed te maken. Inmiddels zijn we qua tijd aanbeland bij het Hemelvaartsweekend, wat ook hier gevierd wordt. Mijn oudste zus Karen kwam donderdags invliegen en bleef het hele weekend, errug gezellig!

Naast dat Elian het gezellig vond dat ‘tante Kawen’ (de ‘r’ blijft nog een uitdaging) langskwam, was hij erg gefascineerd door het concept van een huurauto. Hij weet dat Karen en remco een Volvo hebben, dus toen Karen niet met een Volvo de oprit opreed, maar met een Renault was Elian erg verbaasd. Karen vertelde hem dus dat het een huurauto was die ze als ze terug ging weer op het vliegveld moest achterlaten. Nou, dat vond Elian interessant. Het hele weekend werd er vervolgens met ‘huurauto’s’ gespeeld en wilde hij weten of je ook ‘huurtractors’ had en ‘huurbussen’…geweldig!

Karen, Elian en ik zijn vrijdags lekker op stap geweest naar Mainburg, een nabij gelegen stadje. Rogier moest gewoon werken, dus wij maakten van de gelegenheid gebruik om even te gaan shoppen. We slaagden goed voor o.a. tuinartikelen, planten, boeken en nog veel meer. Elian was superlief en werd hiervoor beloond met een half uurtje spelen bij de MacDonalds (wij lekker op het terras zitten, hij twintig keer van de glijbaan af, prima deal!).

Vrijdagmiddag maar vooral zaterdags zijn we flink aan de slag geweest in de tuin. Rogier was Hemelvaartsdag al een heel eind gekomen met het afsteken van het gras voor de moestuin en Karen en ik maakten dat verder af door de laatste klonten weg te halen en zand bij te storten. Na het nodige hark- en spitwerk was de grond zaai-klaar. Ook werd een strook afgestoken voor wat aardbeienstruiken die meteen geplant werden, met daarnaast een frambozenstruik. Ik ben meteen gaan zaaien in de moestuin: rabarber, sla, bonen, diverse kruiden (deels in de volle grond en deels in potten), lente-ui, paksoi, zonnebloemen (weliswaar geen groente, maar wel een fleurige aanvulling) en nog veel meer. Ook gingen een paar tomatenplantjes de grond in, evenals een mooie bramenstruik.

Na hard werken is het goed eten, dus zaterdagavond staken we heerlijk de bbq aan en genoten we van een welverdiende maaltijd. Karen lachte zich slap om Elians geklets en hij had veel schik met tante ‘Kawen’ (hij geniet sowieso wel van alle bezoek). Vooral het samen spelen met Karens iPad was weer dolle pret. Hij vindt het geweldig om foto’s te bekijken van van alles, gewoon via Google. Bijvoorbeeld van vrachtwagens, Volkswagens of (je raadt het nooit): draaiorgels. Ach ja, ons mannetje heeft vreemde hobby’s af en toe.

Het weekend was een mooie combi van hard werken en heerlijk ontspannen!

Categorieën:Familie en vrienden

Walderlebnis in de regen

juni 23, 2011 1 reactie

We lopen wat achter met de verslagen van wat we hier allemaal beleven, dus hier nog een verslag van iets wat we een paar weken terug hebben gedaan. Rogiers bedrijf heeft met enige regelmaat ‘Health ahead activiteiten’ die bedoeld zijn om op een leuke manier gezonde activiteiten aan te bieden. In dat kader werd een uitje op vrijdagmiddag aangeboden voor het hele gezin naar het Walderlebnispfad in het bod in Freising. Dat leek ons wel leuk om met Elian te doen, dus wij meldden ons enthousiast aan.

Die hele week was het prachtig weer, maar die vrijdag…oh, het was me een baggerweer. Het kwam echt met bakken uit de lucht. Klassiek Nederlands weer zouden we zeggen. Maar als stoere ferme knapen en meiden lieten we ons daar natuurlijk niet door weerhouden en togen we met enkele van Rogiers collega’s en hun kids (een groot aantal had afgezegd vanwege het weer…watjes!) het bos in.

Het Walderlebnispfad is een wandelroute door het bos die begint en eindigt bij een klassiek Duitse ‘Biergarten’ (boshut met groot terras waar dus o.a. bier geserveerd wordt). Het leuke van dit pad is dat er onderweg van alles te zien en te doen is voor kids. Zo leren ze verschillende bomen herkennen, kunnen ze mierenhopen van dichtbij bekijken, is er een groot doolhof met echte heggen, wordt er verteld over verschillende dieren die in het bos leven en nog veel meer. Errug leuk was een superlange boomstam die duidelijk maakte hoe goed hout resonanties doorgeeft…als je aan de ene kant zachtjes klopte, kon je het aan het andere eind horen als je je oor erop legde.

Het was ondanks het weer erg leuk om zo lekker buiten te zijn en ook eens kennis te maken met wat collega’s van Rogier. Wij waren de enige Nederlanders. Naast een paar Duitsers hadden we Amerikanen, Fransen, Britten, Armenen en nog veel meer. Erg leuk zo’n internationaal gezelschap! Er werd ook vlot van taal gewisseld: Engels met de Amerikanen, Duits met de Duitsers, een paar woordjes Frans met een schattig Frans meisje en zo kwamen we er wel uit. Handig hoor als je je talen spreekt!

Elian vond het helemaal geweldig. Gekleed in laarzen, ‘Matschhosen’ (regenpak) en zijn tegenwoordig onafscheidelijke Bob der Baumeister-petje struinde hij vrolijk door het bos. De regen deed hem helemaal niks. Hij stampte lekker in de plassen, klom overal op, onder en door en werd met elke meter viezer.

Op het laatst ging het lampje wel een beetje uit, ook omdat hij het toch wel koud begon te krijgen. Ook wij hadden het op het laatst wel een beetje gehad, het bleef ook maar regenen! Gelukkig eindigden we binnen in de Biergarten met een lekkere maaltijd. ‘Brotzeit’ noemden ze het, maar wij zouden het een buffet noemen. Heerlijke vleeswaren, verrukkelijke vers gebakken ‘Brezes’ (zoute krakelingen – Elians favoriet) en andere broodjes, diverse groenten, het smaakte allemaal even lekker.

Wij gingen kletsnet, vermoeid en een tikkeltje fris naar huis, maar wel zeer voldaan na een gezellige middag.

Categorieën:Werk

Een ervaringsverslag van het Duitse ziekenhuiswezen

juni 22, 2011 2 reacties

Afgelopen oktober had de huisarts hier in ons dorp al geconstateerd dat ik galstenen had, nadat ik me bij hem gemeld had met klachten. Het advies was om vetarm te eten en te kijken of het zo ‘leefbaar’ was. Helaas namen de koliekaanvallen de laatste tijd toe en afgelopen weekend bereikten ze een dieptepunt. Vrijdagavond had ik al een koliekaanval die enkele uren duurde en zaterdag overdag bleef ik de hele dag een beetje zeurende pijn houden. Maar zaterdagavond toen we gingen slapen, kondigde een nieuwe aanval zich in alle hevigheid aan. Diverse pijnstillers boden geen verlichting en toen na een kleine luwte de pijn weer in alle hevigheid toenam, besloten we de huisartsendienst te bellen.

We konden om 5 uur ’s ochtends terecht in het 5 kilometer verder gelegen dorpje Au, zeer treffend genaamd in dit geval. De dienstdoende huisarts maakte een echo en constateerde dat mijn galweg afgesloten was door een steen. De galweg was sterk verwijd en de galblaas zelf was vergroot. Hij gaf medicijnen en als die geen verlichting van de klachten zouden geven, moest ik naar het ziekenhuis in Freising. Hij gaf me meteen een verwijzing mee voor het ziekenhuis voor het geval dat. Bij thuiskomst heb ik nog een uurtje of drie geslapen, maar ik werd opnieuw wakker met pijn…en ik begon geel te zien. Abigaïl, die dit weekend bij ons op bezoek was, bleef bij Elian en Rogier bracht me naar Freising.

In het ziekenhuis bleek de verwijzing van de huisarts voldoende om direct opgenomen te worden en een anderhalf uur later lag ik in een bed op de afdeling gastro-enterologie. Daar ben ik uiteindelijk tot dinsdag gebleven en ik moet zeggen: het beviel slecht. Dat had vooral te maken met de oude dame naast mij die werkelijk alles met uitzonderlijk veel volume deed: bellen, snurken, praten, eten, enz. Ze stootte overal tegenaan, moest er een paar keer per nacht uit en praatte voortdurend tegen zichzelf. Dat laatste is echt niet grappig als je om half drie ’s nachts je best doet om te slapen.

In eerste instantie was het plan om maandagochtend een ERCP te doen, een endoscopische ingreep om de steen uit de galweg te verwijderen. Maar de bloedwaarden van zondag en van maadagochtend lieten zien dat de verstopping waarschijnlijk al uit zichzelf opgelost was. Dat idee had ik zelf ook, want de pijn was weg. Wel waren de ontstekingswaarden in mijn bloed licht verhoogd. Er werd besloten een gastroscopie te doen tot in de galblaas om te kijken hoe het eruit zag.

Maandag rond het middaguur was er nog steeds niets gedaan en ik begon er een beetje genoeg van te krijgen. Ik was al sinds zaterdagavond nuchter en begon inmiddels aardig flauw te worden van de honger. Ook zag ik die hele gastroscopie niet zitten. Ik heb zo’n onderzoek al eens eerder gehad en het is zacht gezegd knap oncomfortabel. Ik zag de toegevoegde waarde er niet zo van. Maar met de verpleegkundigen viel niets te bespreken, die voeren hier enkel de orders van de arts uit, dus ben ik maar met de arts zelf gaan praten. Ik stelde voor om gewoon een echo te doen, aangezien ik geen pijnklachten meer had en de galweg dus haast wel vrij moest zijn. En een ontsteking is immers ook met een echo te zien. De arts vond het eigenlijk wel een goed idee en een half uur later was de echo gemaakt.

Daaruit bleek dat ik niet alleen mijn galblaas helemaal vol zat met stenen, maar ook dat ik een kleine ontsteking had van de wand van de galblaas. Niet voldoende om een spoedverwijdering noodzakelijk te maken, gelukkig maar, maar wel zoveel dat antibiotica per infuus nodig was. Ik moest dus nog een nacht blijven. Maandag kreeg ik dus nog twee keer antibiotica en dinsdagochtend nog een keer. Na lang wachten op de verplichte brief met overdracht naar de huisarts, kon ik dan eindelijk naar huis met een afspraak op zak om eind juni mijn galblaas geheel te laten verwijderen. Thuis zijn we direct naar de huisarts gegaan voor wat aanvullende medicatie en toen was het devies vooral bijkomen (en bijslapen!).

Ik heb natuurlijk ruim zeven jaar in een ziekenhuis gewerkt en ken de processen aardig, maar dit ging toch wel even heel anders. Een paar verschillen, vooral interessant voor de mensen uit de gezondheidszorg:

  • er werd geen verpleegkundige anamnese gedaan, de enige info die ze over mij hadden waren mijn NAW gegevens, de medische diagnose en dat ik geen allergieën had. Ik kreeg dus ook geen info over de afdeling of de gang van zaken en moest dus zelf maar uitvinden waar de douche was, hoe ik aan handdoeken kwam en waar ik thee kon krijgen;
  • er werd zeer beperkt verpleegkundig dossier bijgehouden, alleen bloeddruk/temperatuur/pols en medicatie. Bij de ochtendronde werd bv ook niet gevraagd of je nog pijn had of hoe je geslapen had, dat moet je dus aan de arts vertellen en niet aan de verpleegkundige;
  • er was geen sprake van een verpleegkundig plan oid, de verpleegkundigen voeren enkel de orders van de arts uit;
  • de verpleegkundigen bemiddelen niet tussen arts en patient, als je wat wil moet je zelf een afspraak maken met de arts, wachten op de visite of langsgaan op het afdelingsspreekuur. Met name dat was echt even wennen!
  • ook alle medicatie moest via de arts. Omdat ik al nachten nauwelijks geslapen had, vroeg ik de laatste nacht om een slaapmiddel. Maar dat mochten de verpleegkundigen niet geven, dat had ik dan ’s middags bij de visite moeten aangeven;
  • je krijgt alleen bronwater te drinken en koffie of thee, verder niets. Bronwater komen ze brengen, de rest moet je zelf op de gang halen;
  • ook in Duitsland hebben ze moeite om bij mij goede infusen aan te leggen…ik heb er drie gehad in nog geen 48 uur en aan de laatste heb ik een ontsteking overgehouden. Ook bloedprikken blijft ellende…
  • het is van groot voordeel als je enige kennis hebt van de medische wereld…anders had ik dus een volstrekt onnodige gastroscopie gehad;
  • leuke bijkomstigheid: ik heb weer een hoop nieuwe (medische) woorden geleerd in het Duits!
Al met al was het een ellendig weekend…ik vond het ook sneu voor Abgigaïl die zondag weinig aan ons gehad heeft. Rogier kon gelukkig zonder problemen zorgverlof krijgen van zijn werk en de Kindergarten sprong bij met extra opvanguren voor Elian. We zijn ook dankbaar voor de contacten die we hier al opgebouwd hebben, zo heeft zowel onze buurvrouw-vriendin Bianca als mede-KiGa-mama en vriendin Magda hulp aangeboden voor het geval het weer mis zou gaan. Maar goed, het is gelukkig weer achter de rug. Nu maar hopen dat mijn galblaas zich rustig houdt totaan de ingreep in juli. Voor degenen van het biddende soort: jullie gebed hiervoor wordt zeer gewaardeerd!
Categorieën:Algemeen

“Hora est!”

juni 13, 2011 2 reacties

Promoveren is een geweldige ervaring. Dat kan ik na het meemaken van mijn eigen promotie op 17 mei, nu drie weken geleden, met zekerheid zeggen. Laat me wat ervaringen met julie delen.

De dag begon al redelijk hektisch. Voor promoties in Delft is ceremoniële kleding voorgeschreven en ik had ’s ochtends besloten toch thuis alvast mijn rokkostuum aan te trekken en dat niet in Delft te doen. Dat kostte een hoop meer tijd dan verwacht en we vertrokken al met al zo’n 20 minuten later dan gepland. Dat zou niet zo erg zijn geweest als we onderweg naar Delft niet hopeloos in de file kwamen te staan. Er stonden die dag best wel wat spannende dingen te wachten, maar achteraf kan ik zeggen dat ik daar in de auto de meeste stress heb ervaren. Goed, we kwamen op de valreep aan en ik kon snel met de pedel (zeg maar de academische ceremoniemeester) aan de slag om een en ander technisch en praktisch voor te bereiden. Ondertussen kwamen de eerste gasten ook binnen. Nadat ik het zogenaamde lekenpraatje had gehouden, een korte presentatie over het onderzoek voor niet-ingewijden, was het wachten op het moment-supreme.

Klokslag om 10:00 arriveerde de pedel, hamerde met haar stok een aantal keren op de grond om aan te kondigen dat het college van promoties gearriveerd was en maande iedereen te gaan staan. Een statige rij van hoogleraren in hun toga’s arriveerde in de zaal en nam plaats, waarna het publiek kon gaan zitten. De voorzitter opende de zitting en verzocht de promovendus en de paranimfen (hiervoor had ik mijn goede vrienden Michiel en Casper gevraagd) hun plaats te nemen vooraan in de zaal. De verdediging begon.

Ik kan jullie verzekeren dat alles vanaf dat moment in een sneltreinvaart is gegaan. De ene na de andere hoogleraar vuurde zijn vragen af: “Waarde promovendus….”, waarop ik antwoordde met een “Hooggeleerde opponent,…”. De discussie met hen over mijn proefschrift ervaarde ik als prikkelend en uitdagend. Van sommige vragen was het leuk om tijdens de ceremonie te doorzien waar de opponent naartoe wilde, een enkele andere vraag was wat vergezocht. Er waren vragen waar ik even flink over na moest denken en vragen die simpel te beantwoorden waren. Maar voordat ik het wist stond daar de pedel voor me sloeg met de stok op de grond en riep: ‘Hora est’. En dan begint het langzaam door te dringen: het is afgelopen. Het is klaar. Het zit erop. Ik kan gaan zitten!

Vele jaren heb ik aan mijn onderzoek gewerkt. Jaren van knetterhard werken, waarin ik (en mijn gezin met mij) me regelmatig veel heb moeten ontzeggen. Ik heb ettelijke promoties bijgewoond en gedroomd van de dag dat ik er zelf zou staan. Ik heb perioden gekend waarin heb getwijfeld of ik ooit de eindstreep zou halen (het schijnt dat menig promovendus door zo’n periode heen gaat). Het was best wel eens afzien en zeker in de laatste maanden was het combineren van werken in Duitsland en het afronden van mijn promotie niet eenvoudig. En dan sta je daar en dan is het luid en duidelijk, voor iedereen goed te horen: ‘het uur is geweest’.

De commissie vertrok met de pedel mee en kwam na en kwartiertje beraad terug om haar oordeel mededelen:

“Het College voor Promoties van de Technische Universiteit Delft; vertegenwoordigd door de hier aanwezige commissie; heeft, na kennis te hebben genomen van uw proefschrift met stellingen en na uw verdediging daarvan te hebben gehoord; met inachtneming van het bepaalde in de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek; besloten u de graad te verlenen van doctor. Ik verzoek de promotor door het College voor Promoties als zodanig aangewezen; zich wel van de hem opgedragen taak te kwijten.”

Waarop mijn promotor de ‘promotieformule’ sprak:

“Uit kracht van de bevoegdheid bij wet toegekend aan het College voor Promoties; verklaar ik namens dat college; hier vertegenwoordigd door de Rector Magnificus en de overige leden van de commissie; bij deze u te bevorderen tot doctor en u alle rechten te verlenen welke aan de doctorstitel zijn verbonden. Ten bewijze hiervan overhandig ik u het diploma dat u het recht geeft de titel “doctor” te voeren; ondertekend door de Rector Magnificus en de promotoren en voorzien van het zegel van de Technische Universiteit Delft.”

(sappig detail: er ging tijdens de promotieplechtigheid eigenlijk wel wat mis, ceremonieel gezien. Zo versprak de voorzitter zich een paar keer op een grappige manier. Daarbij was volgens mijn promotor het diploma niet voorzien van het zegel van de TU Delft, maar van de TU Eindhoven. Mij is dit overigens niet opgevallen).

Het is voorrecht van de promotor om als eerste de jonge doctor te feliciteren. Deze gelegenheid heeft hij aangegrepen om ook zijn ‘laudatio’ uit te spreken, waarin hij in zorgvuldig gekozen woorden waardering uitsprak voor het werk, maar ook voor samenwerking. Ik vond het bijzonder hoe hij ook reflecteerde op andere zaken die zeer waardevol zijn geweest in de afgelopen jaren: mijn gezin, en ook het jongerenwerk bij B1. Hiermee was de plechtigheid ten einde.

De rest van de dag stond in het kader van feest vieren. Eerst nog ter plaatse in Delft, waar ik een receptie heb gegeven, en daarna in Zoetermeer. Hier hebben we dankbaar de hulp ingeroepen van ‘Zoet & Meer’, het cateringbedrijf dat goede vriendin Jolanda vorig jaar is gestart. Dat was een groot succes, ondermeer door de cupcakes met passende opdruk (in dezelfde stijl als de omslag van het proefschrift).

We zijn inmiddels bijna drie weken verder. Naast mij ligt een grote stapel felicitatiekaarten. Ik heb ze niet geteld, maar het zijn er vele malen meer dan ik in de afgelopen jaren bij elkaar voor mijn verjaardag heb ontvangen. Rachel had in haar uitnodiging voor de promotiefestiviteiten gevraagd om een kaartje aan Herr Doktor Blom te sturen, zodat ik bij thuiskomst in Duitsland deze op de mat zou vinden. Aan die oproep hebben velen gehoor gegeven. Het voert te ver hier iedereen individueel te noemen die een kaartje heeft gestuurd. Wel een heel hartelijk dank voor ieder kaartje!

Tot slot nog even dit: het dankwoord van mijn proefschrift (voor de geïnteresseerden onder jullie, dit kan worden gedownload) sluit af met deze woorden:

“My words of deepest appreciation are to my dear wife Rachel.  From the very beginning you understood my desire to pursue a Ph.D. and gave your full support, knowing what it would take. Your selflessness in all these years amazes me to this day. Your love has been an indispensible source of enthusiasm, encouragement, inspiration and dedication. You gave what I needed and much more than that, for which I am immeasurably grateful.

A final word to our son Elian: it might take a few years until you are able to read this, but nevertheless I want everyone to know that I am very grateful for being your father. I am immensely proud of you. “

Laat het maar gezegd zijn.
Categorieën:Algemeen, Werk